Genesis 22,6-12

Is dit niet een absurd verhaal? God die kinderoffers als heidense gruwel verbood, vraagt nu zelf het offeren van een kind! Daar begrijp je toch niets van? En dan de reactie van Abraham, die is toch ook bizar? Welke vader offert ooit zijn eigen kind?! Kan God gehoorzamen ooit zo ver gaan, dat je je eigen kind wilt afstaan?

We lopen door het verhaal, langs een paar sleutelwoorden. Want het verhaal is mooi geschreven. Het is opgebouwd aan de hand van een aantal terugkerende motieven. Het eerste: Zo gingen ze samen verder (2, eigenlijk 3 keer: 6, 8 en 19). Daar zie je ze gaan, vader en zoon. Je proeft hier de band tussen die twee. Vertrouwelijk, elkaars maatjes. Zo kan het gaan tussen een vader en zijn zoon. Samen dingen doen. Tegenwoordig zou je zeggen: samen voetballen, of voetbal kijken. Maar ook: je vader helpen, bijv. in de tuin. Zo trokken ook Abraham en Isaak met elkaar op. En voor Abraham was Isaak de vervulling van een lang gekoesterd verlangen. De vervulling van Gods belofte. God had keer op keer gezegd: Abram, ik maak jou tot een groot volk. Jouw nakomelingen zijn ontelbaar, als de sterren aan de hemel. Die hele toekomst hangt af van dit ene kind. Ook daar vraagt het verhaal aandacht voor: Isaak is Abrahams enige hoop. Zo gingen ze samen verder: je ziet ze gaan, de vader met zijn enige zoon. Van wie God zegt: Roep je zoon, je enige, van wie je zoveel houdt, hem moet je offeren! Gods beloften en toekomst gaan eindelijk in vervulling. Via deze zoon zal God zijn volk geboren doen worden, Israël. En uit dat volk zijn eigen Zoon die mens wordt, Jezus de Christus. Alles hangt af van Isaak, en nu gaat God hem weer opeisen?! Abraham gaat op weg. Er is hout, vuur, en het mes… Alles klaar om te offeren. Hoe heeft Abraham zich gevoeld? Dat voel je als je die woorden leest: zo gingen ze samen verder. Abraham met zijn zoon, zijn enige, zijn hoop voor de toekomst.

Een tweede sleutelwoord, waarmee dit verhaal opengaat. Er is hout, vuur, het mes… Maar: waar is het offerlam? En dan het antwoord van Abraham: God zal zichzelf van een offerlam voorzien, mijn jongen. Je zou zeggen: wat een uitvlucht, om niet te zeggen leugen! Maar Abrahams antwoord is ook iets van de boodschap van dit verhaal. Alsof Abraham de uitslag al weet. Alsof de verteller Abraham die woorden achteraf in de mond heeft gelegd. Of zou hij echt, heel diep in zijn hart, geweten hebben: zoiets doet God niet, nooit. God zal zichzelf van een offerlam voorzien! Dit is eigenlijk de clou van dit verhaal. Dit is de clou misschien wel van de hele Bijbel! De HEER zal erin voorzien. Dat is: vertrouw op God, hij geeft uitkomst. En zo zie je ook Isaak zich gewillig en wonderlijk rustig overgeven. Als zijn vader hem op het hout bindt. Als hij het mes boven zich geheven ziet. Dat vlijmscherpe slachtijzer, bedoeld om offerdieren de keel door te snijden. De HEER zal erin voorzien… Zelfs Isaak gelooft dat.

En dan het derde sleutelmoment. De stem van de engel. Niet zo maar een engel. In vers 11 heet hij een engel van de HEER, een boodschapper uit de hemel. Maar in 15 is hij de engel, die Gods woorden zelfs in de ik-vorm spreekt: Ik zweer bij mijzelf – spreekt de HEER! Vaker verschijnt hij in de Bijbel, als de engel die wel bijna God zelf lijkt. Juist op de meest dramatische momenten in Gods geschiedenis zie je hem. Als de engel die ingrijpt, die spreekt namens God, als God. Wie is hij? Men zegt vaak: hij is Christus, voor hij als mens in de wereld kwam. En deze engel, zelf God, zegt: Abraham, nu weet ik dat je ontzag voor God hebt! Weer een wonderlijk moment in dit verhaal. Wist God dat dan nog niet? Waarom moest God die alles weet deze proef doen? Was hij benieuwd naar de uitslag? Moest hij eerst nog zien wat Abraham zou doen? Maar hij kent toch de harten? En hoe zit het met Gods plan en leiding? Hoezo moet God die zichzelf van alles voorziet, Abraham op de proef stellen? Hij kon er toch ook zelf in voorzien, dat Abraham zou doen wat hij zei! Hier hebben mensen zich het hoofd over gebroken. Deed God dit alleen voor Abraham? Zodat hij zich ook zelf bewust zou worden van wat God al wist? Maar dat is allemaal redeneren achteraf. Daarmee stel je vragen aan het verhaal, die de Bijbel zelf niet stelt. God wil echt kijken wat er in het mensenhart is. Hij wil gehoorzaamheid, absoluut ontzag. En hij wil dat zien!

En nu wij. Wat doe jij? Als God zegt: offer alles wat je lief is op? O, maar dat zegt God niet. Zoiets maken wij niet mee. Nee? Wat dan als je vrouw of man door de Heer geroepen wordt en sterft? Hoe kun je je geliefde ooit loslaten? Wat dan als je kind ziek wordt? Kun je het offeren, als Abraham? Nee, je vecht toch voor zijn leven? Je zou toch zelf wel die ziekte willen hebben in plaats van je kind? En wat als je christen wordt en je familie je verstoot? En wat als mensen je uitspugen als je opkomt voor de naam van je God? En wat als Jezus volgen je echt offers gaat kosten?

Allemaal anders, andere situaties, andere keuzes. Maar wel keuzes! Zou ik zo gehoorzaam zijn als Abraham? Je leest hier nergens, dat Abraham aarzelt, of protesteert. God zegt: offer je zoon, van wie je zoveel houdt, op een berg die ik zal wijzen. En dan lees je: De volgende morgen stond Abraham vroeg op. Hij zadelde zijn ezel, hakte hout en ging op weg! Zal hij geslapen hebben die nacht? Zal hij er met Sara over gepraat hebben? Reken maar van yes! En Sara, laat zij haar twee mannen zo maar gaan? Je leest het allemaal niet. Maar hoe dan ook, met Isaak hebben ze er met geen woord over gerept. Isaak gaat mee, nietsvermoedend. Abraham is God gehoorzaam, volstrekt gehoorzaam. Zodat hij zelfs het liefste wat hij heeft aan God wil afstaan. Kun je je dat voorstellen? Dat je God stelt boven alles in je leven, zelfs boven het allerliefste? Dat kunnen wij ons niet voorstellen, wij mondige individualisten. Nee, wij protesteren, zodra je iets wordt opgelegd wat tegen je gevoel in gaat. We maken onze eigen keuzes: met relaties, onze vrije tijds- en zondagsbesteding, kerkgang. En we praten net zo lang tot die keurig in het plaatje van God passen. Nee, echt, God kan veel willen, maar mijn leven totaal aan hem overgeven, nee. Ik wil graag wat voor mezelf houden, geen keuzes hoeven maken tegen mijn gevoel in.

En toch: vraagt God het onmogelijke van je? Nee, hij vraagt geloof. Er is geloof, ook bij ons, vaak juist in crisissituaties in het leven. Als iemand sterft, als iemand een operatie of behandeling moet ondergaan. Die rust, die overgave aan God, aan zijn leiding. Er is geloof, ook als twee mensen een kind krijgen langs Gods wegen en het laten dopen. Ook dat is een keus, een geloofskeus, omdat jij je leven niet overziet. Maar wel zegt: HEER, ik leg het in uw handen. Dit kind, het is van ons, maar het is eigenlijk van u. U zag het, al lang voordat wij het zagen. Zo willen we voor hem zorgen, hem uw liefde laten zien. Ook dat is geloof. Het is hetzelfde geloof als dat van Abraham, het geloof: de HEER zal er in voorzien. Wat er ook gebeurt, ik geef me over. Het gaat God niet om kadaverdiscipline. Het gaat hem om liefde, om vertrouwen.

Hebr. 11 maakt dat duidelijk, inderdaad achteraf. Door geloof kon hij zijn zoon offeren. (Door geloof) zei hij bij zichzelf dat het voor God mogelijk moest zijn iemand uit de dood op te wekken, en daarom kreeg hij hem ook terug, bij wijze van voorafbeelding. Voorafbeelding: dit verhaal beeldt iets uit. En daarom kijken we in deze geschiedenis ook naar Isaak. Niet alleen naar Abraham, de vader der gelovigen, maar juist ook naar Isaak. Hij is het offer dat de HEER voor zichzelf voorziet. En als de Engel ingrijpt, is het weer de HEER die zelf een offer voor zichzelf voorziet. Abraham mag een verdwaald schaap offeren. Dat was tegen de regels. Bij offers geef je iets van je eigen rijkdom aan God. Nu neemt Abraham een offerdier uit de rijkdom van God. Maar dat is offeren altijd: geven van wat God eerst gaf. En dat is ons hele leven: leven van wat God geeft. Leven van genade. God gaf zelf een offerdier, omdat wij ons leven niet zelf konden redden. Dat is advent, dat is kerst, dat is Goede Vrijdag en Pasen: Jezus Christus, lam van God. Hij zal zijn volk bevrijden van al hun zonden. De HEER zal er in voorzien: vertrouw op God, hij maakt alles goed.

Amen

1390783237_docx_win 1390783261_pptx_win

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *