Water voor Gods dorstige Terminator – Preek 3 over Simson – Rechters 15,19

Simson, hij doet je denken aan de Terminator (de ‘uitroeier’). Bekend van de gelijknamige films met Arnold Schwarzenegger, waarin robots en machines de mensheid proberen uit te roeien. Simson, het is ook het verhaal van de eerwraak. En van de geweldsspiraal, geweld dat nieuw geweld uitlokt.

Zo kun je er tegenaan kijken, ja. Dat is ook typisch 21e-eeuws. Geweld in de Bijbel, het is een geliefd thema in talkshows en satire. Wij zijn mensen van de eeuw van de liefde, uitgevonden in de jaren ’60 door hippies en flowerpower. “All you need is love”, het levenslied van de West-Europese mens die het geweld van wereldoorlogen beu was en een nieuwe wereld wilde stichten.

Ook christenen prediken de liefde. God is je Vader die voor je zorgt, Jezus je vriend die altijd bij je is. Geloven is een relatie, van vertrouwen en je veilig voelen. En in de kerk zingen we lofprijzingsliederen: geloven is blij zijn, toch?

De verhalen over Simson zijn ons dus vreemd. Toch hou ik van die weerbarstigheid van de Bijbel. God is niet voor één gat te vangen. Simson is een rare snuiter, zijn God misschien ook wel. Want dit geweld is Goddelijk geweld. Het is God zelf, die Simsons lijf vol adrenaline spuit en hem duizenden Filistijnen doet ‘terminaten’. Snap jij hier iets van? Nee? Ga er dan maar even voor zitten. Hier komt een God tevoorschijn, die je misschien nog niet kende. Een God die van deze ‘terminator’ houdt!

Water in de woestijn, voor Gods dorstige Terminator 1: Gods oorlog; 2: Gods genade.

1.

Welk beeld heb jij van God? Dat is voor iedereen verschillend. Voor de één is hij een grote vriend, bij wie je alles kwijt kunt. Voor de ander is hij een vader, die trouw is en bij wie je schuilt. Voor een derde is God vooral eisend, een God die wil dat je je aan zijn geboden houdt. Jouw beeld van God bepaalt hoe je je geloof beleeft. Voel je God als dichtbij, of ervaar je afstand?

Allereerst heeft dat te maken met wat je in je opvoeding mee krijgt. Als je vader en moeder je veel ruimte geven, voel je je ook bij God eerder veilig. Zijn ze te streng, dan zul je vaak ook God als eisend ervaren. Daar komt bij de sfeer of cultuur in de kerk. Is de kerk een warme gemeenschap, of zijn er juist veel gemopper en kritiek? Zo wordt je beeld van God gevormd, maar ook vervormd (zoals door traumatische ervaringen, zoals misbruik!).

Daarom moet je altijd weer je geloof verder laten vormen. De Bijbel is daarvoor een onuitputtelijke bron. Jouw beeld van God is nooit af. God is altijd weer anders dan je dacht. Nooit kun je hem bevatten. Het zou zelfs hoogmoedig zijn dat te denken. En zo kan de Simson-geschiedenis ons helpen weer nieuwe dingen over God te ontdekken. Hier ontmoet je een God die anders is dan de lieve, aardige God van onze tijd.

En dat heeft allereerst te maken met de teneur van het boek Rechters. Rechters is het verhaal van de chaos, de totale anarchie. Een refrein in het boek is: er was toen geen koning in Israël, ieder deed wat goed was in zijn eigen ogen. Alles roept om een koning, die het volk weer terugbrengt bij een geordende samenleving onder de goede wetten van God. De rechters zijn daarom een soort pre-koningen, voorlopers van de echte koningen. En eigenlijk ook een soort pre-Christussen. Ze brengen rust en veiligheid, alleen het is tijdelijk. De ware koning die eeuwige vrede brengt moet nog komen. Dat is de ene kant.

De andere is dat Rechters het verhaal is van de doorgaande strijd tegen de afgoden. Die rechters bevrijdden het volk niet alleen van vijanden, vooral ook stuurde God hen om de afgoden van die vijanden uit te bannen. En dat is de strijd, de heilige oorlog, van het hele O.T.: Gods ‘war on terror’.

Het kwaad, het onrecht, de vuilheid van die volken, dat wil hij uitroeien. Daarvoor stuurt hij zijn ‘terminators’, om een goddeloze wereld te straffen. En zie daar die God die wij vandaag niet meer zo op ons netvlies hebben. Een God die ‘uitroeiers’ stuurt: om zijn volk te bevrijden ja, maar vooral om de afgoden en de afgodendienaars te vernietigen.

Tja, dat kan je in verlegenheid brengen, als veel mensen zeggen dat het geweld in de wereld allemaal te maken heeft met religie. Zoals je proeft in spotjes van het Humanistisch Verbond: waarom zou jij je als mondige mens overleveren aan de goden?! God en goden zetten maar aan tot oorlog en geweld.

En ja, zie je in dit verhaal niet een spiraal van geweld? Simson wil zijn bruid terug, maar ze is aan een ander gegeven. Nou, hij vangt even driehonderd vossen en jaagt ze met brandende fakkels de velden in. De Filistijnen koelen hun woede op Simsons vrouw en haar familie, ze komen om in de vlammen. En dus Simson weer razend, en hij richt een bloedbad aan. En dus is het weer de beurt aan de Filistijnen: ze willen dat Simson wordt uitgeleverd. Bevend als een rietje komen de Judeeërs dan naar Simson toe. Ze verwijten hem zelfs, dat hij de Filistijnen kwaad heeft gemaakt. Dat is wel het totale dieptepunt! Zijn eigen volksgenoten die hem verraden! Eén grote keten van geweld!

Maar bekijk het nu eens anders. Is dit wat wij tegenwoordig noemen ‘zinloos geweld’? Of terreur, om zoveel mogelijk slachtoffers te maken? Nee, het is oorlog! Gods oorlog. God die zijn volk wil redden. En vooral: zijn naam en eer. God wil de afgoden ontmaskeren, als niet-goden, on-goden. En het vuile lege leven wat die goden oproepen uitroeien. Zijn rijk moet komen!

En dat zie je als de Geest van de HEER in Simson vaart (vers 14!). Was dit een verhaal van ‘zinloos menselijk geweld’, dan zou je verwachten dat hier stond: “toen voer de duivel in Simson, hij werd des duivels, en sloeg erop los!” Nee, er staat: de Geest van de HEER joeg hem de adrenaline door zijn lijf! En dat maakt bovenmenselijke krachten in hem los! Met een bot van een ezel die in de woestijn is bezweken, slaat hij duizend Filistijnen dood! Onvoorstelbaar: duizend, door één man!

En dat is precies wat God wil: dood aan de vijand van zijn volk! Simson zingt zijn overwinningslied. Het lied van Gods dienaar, die niet naar de kapper mocht en geen wijn dronk. Die Gods oorlog moet voeren, tegen het afgodstuig.

Begrijp jij hier iets van? Gaat dit niet lijnrecht in tegen alles wat wij vandaag over God denken? Wij gooien vandaag alles in de Bijbel waar we ons ongemakkelijk bij voelen overboord, met het grootste gemak: de hel, Gods toorn en straf. Maar God is blijkbaar ook een God van oorlog. Heilige oorlog, tegen alles wat kwaad en afgodisch is. Snap ik dat? Nee, ik als 21e-eeuwse mens snap daar niets van. En theologische verklaringen voldoen ook niet. Laat het dus maar Gods mysterie zijn.

2.

Mysterieus, dat is ook het slot van dit verhaal. Iemand schijft hierbij: we krijgen hier een klein doorkijkje in Simsons gebedsleven. Is dat niet wat té mooi gezegd voor wat hij hier uitschreeuwt? Meer is het niet als hij roept: Aan u, Heer, heb ik deze overwinning te danken. Okay, dat dan wel, Simson die God dankt, en niet zichzelf, zoals je bij dat ‘ezelskaak-gedicht’ nog kunt denken. Maar dan gaat hij verder: Moet ik nu sterven van de dorst en alsnog in handen vallen van die onbesnedenen?!

Ja, en dát geeft wel een inkijkje. Want ‘die onbesnedenen’: dat is de wereld gezien door Gods ogen! Zo ziet Gód de Filistijnen. De besnijdenis was het teken dat je bij God hoort. Wie zich niet liet besnijden, had God ooit gezegd, verbreekt mijn verbond. Dus: voor God ligt het zo: zwart-wit. Er loopt een duidelijke grens tussen wie van hem zijn, en wie niet. De Filistijnen waren onbesnedenen, een volk buiten de lichtkring van Gods liefde. Buiten God is geen leven, daar is het rijk van de dood.

Tja, opnieuw moet ik zeggen: zo kijken wij vandaag niet meer naar de wereld. De gelovigen als de ‘goeien’, de ongelovigen als de ‘slechten’. Nee, de wereld valt mee, zeggen we tegenwoordig. En er zíjn toch ook veel goede mensen, ook als ze niet in God geloven? Niet iedereen is toch een afgodische heiden?

En toch zegt ook Jezus: wie in mij gelooft, zal leven. Ook Joris, die vanmorgen gedoopt is, staat aan de kant van het leven. God heeft een verbond met hem. Joris heeft een speciaal plekje in Gods hart! Leef je buiten God, dan zal de dood je inhalen. Leef je in verbond met God, dan vind je een veilige thuishaven, eeuwig. Ik blijf het zeggen.

Ook (zelfs?) Simson had een speciaal plekje in Gods hart. Dus beloont God zijn geliefde nazireeër. Water welt op in de woestijn, heerlijk, helder. Ik vind dit zo’n indrukwekkend moment in dit verhaal! Water dat opwelt, in de kom van het dal bij Lechi! Water in de woestijn. Water des levens. Ineens heeft Simson hier iets van Jezus. Ook Jezus riep met een schorre kreet: dorst!! Toen welde er geen bron op. Een spons kreeg hij tegen zijn gescheurde lippen, met azijnwater. Maar zijn missie was volbracht: hij stierf, ook voor hoerenloper en Godsman Simson.

Dit tart elk beeld dat je van God kunt hebben! Zo’n God begrijp je niet. Hij stuurt Simson als zijn Terminator. Hij geeft hem zijn liefde, zijn kracht, zijn levende water. Zoals hij ook Joris, en ons allemaal, wil schoonwassen met het zuivere water van Christus’ Geest. Ik kan deze God niet begrijpen. De God die u, jou en mij voorziet van het levende water van zijn liefde in Jezus.

Jezus, van wie we zingen: “De Vader stelt hem in de troon, als Christus en als Here, bekleed met macht en ere. De heerschappij is aan de Zoon, wiens Goddelijk geweld de laatste vijand velt!”

Amen.

 

Rechters 15, 19 Rechters 15, 19

 

 

You may also like...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *