Synodes, wat moet je ermee?

Hoe gemotiveerd was ik toen ik werd gekozen tot afgevaardigde naar de landelijke synode? Ik ben ‘loyaal-kerkverbandelijk’: het is goed dat we als kerken samenwerken, kerkelijke vergaderingen zijn niet mijn hobby, maar als het moet gebeuren, maak er dan iets zinvols van. Zo stond ik er dus in toen we op 24 en 25 januari jl. bij elkaar kwamen voor een voorbereidingsconferentie met alle afgevaardigden, in de bossen bij Elspeet.

Het werden twee prachtige dagen! Na afloop zeiden we allemaal: we zijn er klaar voor, en we hebben er zin in! Zesendertig mannen (dat wel) staan klaar om vijf maanden aan het werk te gaan met het doorwerken van honderden pagina’s aan rapporten waarover ze een mening moeten vormen en besluiten nemen.

Wat meteen opvalt is de gemiddelde leeftijd van de afgevaardigden (ik heb berekend 58)! Tegen de 60 dus, waarbij de jongste begin 40 en de oudste rond de 75 is. Een aantal ouderlingen is gepensioneerd, enkelen zijn op jongere leeftijd uit het reguliere arbeidsproces getreden. Ik kan me voorstellen dat mensen die er van buiten tegenaan kijken denken: wat heeft zo’n stel grijsaards aan inspirerends te bieden…?

Positie, taken en rollen

Dit laatste komt ook langs in de eerste bijdrage, van prof. M. te Velde. Hij tekent de kerkelijke context anno 2014 en wijst op een aantal factoren:

  • Pluraliteit en diversiteit in de kerken: Waar vroeger eenduidigheid en eenvormigheid waren, kun je nu spreken van ‘stromingen’ of richtingen.
  • Subculturen: In steden is er een andere dynamiek dan daarbuiten, ook zijn er andere doelgroepen. Generaties groeien uit elkaar, belevingswerelden sluiten vaak niet meer op elkaar aan.
  • Onverbondenheid: Globaal is er een wereld van verschil aan het groeien tussen 40+ en 40-. Voor de generatie 40+ speelt het leven zich vooral af in de kerk, jongeren ervaren hun bestaan anders en leven meer in de wereld, en nemen die leefwereld mee de kerk in. De laatste groep voelt zich minder verbonden met kerkelijke instituten of structuren, en vragen zich af of ze nog iets met deze kerk ‘hebben’. Overigens hebben nu ook veel ouderen het gevoel niet meer in hun ‘eigen’ kerk te zitten.
  • Nieuw elan: Inmiddels zijn we over het punt heen, dat veel mensen de kerk verlieten richting evangelische gemeenten, en anderen richting de ‘nieuwe vrijgemaakten’, de grootste uittocht lijkt voorbij. Wie blijven willen zich niet bezighouden met bijzaken maar zoeken naar de kern of basis van het geloof. Ze willen samen mooie dingen doen en beleven, bouwen en naar de toekomst kijken. Daarin zit duidelijk een nieuw stuk inspiratie. Velen ervaren deze tijd als hoopvol voor de kerken.

Dit overzicht van de huidige situatie helpt ons onszelf te relativeren. Te Velde benadrukt dan ook: een synode heeft slechts een beperkte agenda en zal zich bescheiden moeten opstellen. Tegelijk zijn de besluiten die er genomen worden bedoeld voor alle kerken. Dat betekent, dat we vooral moeten kijken naar wat voor die kerken van belang is. Het gaat niet om onze meningen over of bedenkingen tegen allerlei ontwikkelingen. We moeten voor ogen houden dat de plaatselijke kerken, de gemeenteleden, jongeren, gezinnen en ouderen, al die generaties die in elke gemeente vertegenwoordigd zijn, gediend moeten zijn met wat wij besluiten en uitspreken. We moeten dus kijken naar de toekomst, naar hoe kerken plaatselijk verder kunnen in de context van de huidige samenleving en met de vragen die nu leven. En dat in vertrouwen op de Heer van de kerk, die met ons een weg gaat in de richting van zijn koninkrijk.

Kennismaking

O.l.v. dhr. J.A. Knepper maken we dieper kennis met elkaar. In wisselende samenstellingen ontmoeten we elkaar in groepjes, met telkens een kennismakingsronde en een vraag. Die vraag wordt bij elke volgende ronde steeds persoonlijker. Het gaat om de volgende vragen:

  • Wat verwacht je van de synode? Waar zou de synode volgens jou op moeten focussen?
  • Wat zijn voor jou de interessante thema’s en waarom? Wat is je persoonlijke betrokkenheid bij die thema’s?
  • Wat zijn je persoonlijke motieven om deel te nemen aan de synode? Waar ligt je motivatie (bijv. inhoudelijke thema’s, kerkorganisatie, geestelijke groei, etc.)?
  • Wat verwacht je persoonlijk van het geestelijk klimaat van de synode? Wat kan het jou op geestelijk gebied brengen? Aan de hand van deze vragen ontstaat er een boeiende uitwisseling. Waar ik vooral van onder de indruk kom, is de openheid tegenover elkaar en de verbondenheid die al snel voelbaar is. Al deze mensen blijken bewogen mensen te zijn, die gaan voor het werk van de Heer en voor zijn kerk. Wat is dat gaaf om te ontdekken!

De vraag ‘waarom ben je hier’ wordt heel verschillend beantwoord. Iets oudere broeders zien het als een roeping:“als je geroepen wordt dan moet je gaan, zo ben ik opgevoed en zo zit ik in elkaar”. Hoe anders ervaren jongeren dit: ik moet erdoor geraakt worden, dan ontstaat er interesse of betrokkenheid (maar dat is niet bij voorbaat of vanzelfsprekend het geval). Maar als je dat van elkaar kunt accepteren, ontstaat er iets heel moois!

Eerlijk omgaan met deze vraag betekent dat je probeert je eigen motieven te onderzoeken. ‘Roeping’ is nog niet hetzelfde als je echte motivatie. Motieven van mensen zijn vaak een mix van positieve en bewuste overwegingen, en van persoonlijke soms onbewuste belangen of drijfveren. Ontdek dat maar aan de hand van oprecht zelfonderzoek door de Geest van Jezus.

Wat deze intensieve kennismaking oplevert is de overtuiging: we gaan dit met elkaar doen, vol vertrouwen op de Geest van God die ons met elkaar verbindt en ons zal leiden.

Geestelijk kader

De volgende dag gaan we opnieuw in groepen in gesprek over de geestelijke basis van ons werk. Elke groep schrijft een stelling op een groot vel, waarop de andere groepen reageren met een sticker, rood voor oneens, geel voor eens. Bij enkele stellingen wemelt het van de rode stickers, bij andere van gele. Die leveren plenair dan ook het meeste gesprek op.

Aan de orde komt bijvoorbeeld wat onze gezamenlijke basis is, de grondslag van ons beleden geloof. Geeft dat vertrouwen in elkaar? Kan ik eventueel wantrouwen loslaten en mijn eigen standpunten en gevoelens relativeren? Belangrijk is de verbinding: samen staan we voor hetzelfde geloof in dezelfde Heer. Dat geeft een basis die tegen een stootje kan. Als je Gods Woord recht wilt doen in de vele situaties die op onze weg komen, betekent dat nog niet dat je alles wat we besluiten of uitspreken met het Woord of gezag van God zelf vereenzelvigt. Er is onder de leiding van Gods Geest en biddend om zijn verlichting ruimte om als christenen samen te zoeken naar concretiseringen en uitwerking van Gods wil in deze tijd. Daarbij nemen we ook de vragen en situaties in de huidige cultuur en samenleving mee in die verwerking. Hoe ga je bijvoorbeeld om met een tendens van individualisme? Betekent die dat je altijd tegengas geeft of ook dat je er rekening mee houdt hoe dat nu werkt?

Wat betekent het vervolgens, dat we gereformeerde kerken zijn? Dat is primair dat we het gezag van de Bijbel als Woord van God eerbiedigen en onze gezamenlijke belijdenis dat dit Woord samenvattend naspreekt als richtlijn erkennen. Daarnaast dat we ook onze gezamenlijke kerkverbandelijke afspraken zien als dienstig aan de opbouw van Gods kerk. Wel erkennen we het verschil in soortelijk gewicht tussen die beide: ons heil hangt alleen af van Jezus Christus onze Heer. Daarom vragen we ons af: hoe kan de synode zo omgaan met kerkelijke afspraken dat we daarin tegelijk recht doen aan het werk van de heilige Geest? En wat betekent het daarbij, dat we als gereformeerde kerken ook voluit katholiek zijn, dus verbonden met Christus’ kerk en werk wereldwijd?

Veel gesprek levert de vraag op, of we te midden van tegenstellingen en verwarring in de kerk de moed hebben om gids te zijn en een koers uit te zetten. Zeker, daarbij moet je als synode je plek weten: wij zijn niet gemachtigd om de kerken iets op te leggen, we zijn slechts faciliterend. Maar daarbij zoek je wel naar wat goed is voor de kerken nu. Is dat een houding van de kool en de geit sparen, of durven we ook een richting te wijzen? Maar dan moeten we ook oog hebben voor Gods geduld met zijn kerk. Als we samen ons vertrouwen stellen op de levende Heer en zijn Geest, en op de werking van zijn evangelie, kunnen we open de discussies ingaan. “Hij zal u leiden, wees niet bevreesd”.

“Ons ideaal is nooit de rust van het conventikel geweest”, aldus een volgende stelling. De kerk van Christus bestaat dankzij Gods genade voor zondaren. Juist dat leert ons om te gaan met zonde en gebrek, en ook met verscheidenheid aan gaven en diversiteit aan inzichten. Die genade is de bron voor onze liefde voor allen die door Christus geroepen zijn, en zet zich waar nodig in voor reformatie en herstel. Een belangrijke vraag is dus: hoe geven wij vorm aan onze verscheidenheid in het spanningsveld van behoud van de zuiverheid van de kerk en eigentijdse vormgeving van de werking van het evangelie?

Daarbij moeten we ook in rekening brengen, dat Gods kerk een kerk in de wereld is. Die wereld is niet alleen ‘buiten’, die wereld leeft in onze eigen harten. Zijn we ons daar tijdens onze beraadslagingen voortdurend van bewust? Synodes doen hun werk niet in een isolement, het zijn geen theoretische discussies die we voeren, die wereld spreekt mee. Besluiten gaan als het ware door de bak met ontwikkelaar heen (zoals bij fotofilms die ontwikkeld werden, vóór het digitale tijdperk), ook de bak ‘wereld’ of moderne cultuur. Zo krijgen ze hun kleur en betekenis voor het hier en nu, en voor de nabije toekomst.

Mij viel op, dat velen hiervoor oog hebben. De Geest van God is de Geest van wijsheid, die ons helpt vanuit het Woord van God de lijnen door te trekken naar het heden. Wat vroeger als lijn vanuit de Bijbel gold, daarover kunnen we nu anders oordelen. Dat komt dan doordat ook de cultuur van onze tijd mede vorm geeft aan onze keuzes. Dat kan alleen goed gaan, als we dat doen in gehoorzaamheid aan het Woord en onder de leiding van de Geest. Wel is het dan eerlijk, dat we ons voor zulke verschuivingen oprecht verantwoorden. Inbreng van kerken en kerkleden die verontrust zijn omdat het lijkt alsof we essentiële zaken opgeven om maar in het spoor van deze tijd te passen, vraagt om eerlijke uitleg: waarom maken we nu andere keuzes dan toen?

Tenslotte zijn we ons ervan bewust, dat we dit werk alleen in biddende afhankelijkheid van onze Vader en onze Heer kunnen doen. We roepen elkaar op om er samen voor te zorgen dat dit geen obligate uitspraak is, maar dat dit ook werkelijk onze omgang met elkaar en met de kerk van God mag stempelen.

Hoe ga je naar huis?

Met die vraag sloten we af. Velen gaven uiting aan hun hoop en vertrouwen. We hebben elkaar deze dagen echt ontmoet, op een geestelijk niveau! Dat is veel waard. We gingen naar huis met het gevoel: ik krijg er zin in! God was erbij, hij zal erbij zijn!

Dit vind je misschien ook leuk...

3 reacties

  1. Jaap van den Bos schreef:

    Mooi stuk Klaas! Tof om te lezen hoe jullie geestelijk verbonden met elkaar aan de slag gaan!
    Zegen gewenst!

    grt. Jaap

  2. Jaap Ophoff schreef:

    Heel mooi om te lezen, Klaas. Ik hoop en bid dat deze lijn en houding wordt vastgehouden bij concrete agendapunten. Wens jou en de anderen veel wijsheid en oog voor de volle katholieke breedte in de gkv.

  3. Karin schreef:

    Wat een enthousiasmerend stuk, Klaas! Ik word bijna jaloers dat vrouwen er (nog) niet aan deelnemen…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *